Aanpassing BTW vrijstelling beroepsonderwijs
Per 1 juli is de BTW vrijstelling voor beroepsonderwijs gewijzigd. Kort gezegd komt de wijziging er op neer dat de keuzemogelijkheid die beroepsopleidingen hadden om onderwijs al dan niet vrijgesteld van BTW aan te bieden, met ingang van 1 juli 2010 is komen te vervallen.Overigens zal de oude regelgeving tot uiterlijk 1 januari 2011 blijven gelden voor contracten die vóór 1 juli 2010 zijn afgesloten.
Wat betekent dit?
Voor het niet-wettelijk erkende beroepsonderwijs betekent de wijziging dat per 1 juli 2010 de vrijstelling alleen nog zal gelden voor:
- Beroepsopleidingen dat verzorgd wordt door instellingen die zijn ingeschreven in het Register Kort Beroepsonderwijs (hierna: RKBO). De duur van de opleidingen doet daarbij niet ter zake.
- Beroepsopleidingen die zijn genoemd in de bijlage van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderwijs (WHW) of bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB).
Beroepsonderwijs dat door anderen wordt verstrekt is vanaf 1 juli 2010 steeds belast met 19% omzetbelasting. Voor het wettelijk erkende beroepsonderwijs verandert er niets.
Zoals gezegd is de keuzemogelijkheid per 1 juli 2010 vervallen. Dit betekent dat een in het RKBO opgenomen (en daarmee dus erkende) instelling voor alle door deze instelling verstrekte beroepsopleidingen verplicht in de vrijstelling wordt betrokken. Het begrip beroepsopleiding wijzigt overigens niet. Als een erkende instelling ook andere opleidingen dan beroepsopleidingen verstrekt, dan is de vrijstelling daarop niet van toepassing.
Naast specifieke beroepsopleidingen en -herscholing vallen onder de BTW vrijstelling ook cursussen die zijn gericht op het functioneren van personen in een (toekomstige) werkkring. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om managements-, automatiserings-, ondernemingsraad-, sollicitatie en taalcursussen.
Onderwijs dat zich primair richt op het bijbrengen en ontwikkelen van vaardigheden in de persoonlijke levenssfeer (bijv. lessen voor EHBO, levensreddende handelingen, bedrijfshulpverlening en het rijbewijs BE) valt echter buiten de vrijstelling. Hetzelfde geldt voor onderwijs met een vrijetijdskarakter (bijv. hobbycursussen).
Aanmelden
Instellingen kunnen zich voor het aanvragen van een erkenning aanmelden bij de Stichting Centraal Register Kort Beroepsonderwijs (www.crkbo.nl). Zeer binnenkort zal het mogelijk zijn om ook inzage te krijgen in een, apart van het ‘erkenningsregister’ bij te houden, ‘aanmeldingsregister’. Op die manier is voor iedereen raadpleegbaar dat een onderwijsinstelling een aanvraag tot erkenning heeft ingediend. De (eventuele) erkenning vergt naar schatting één à twee maanden.
Fiscale eenheid
Het is mogelijk dat binnen één fiscale eenheid zowel een erkende als een niet-erkende onderwijsinstellingen zijn opgenomen. In dat geval is de vrijstelling alleen van toepassing voor zover de beroepsopleidingen worden verstrekt door de erkende onderwijsinstelling.
ZZP’ers
Ook zelfstandig handelende docenten (ZZP’ers) die onderwijsdiensten aanbieden aan onderwijsinstellingen vallen onder de regeling. Op dit moment wordt voor deze ondernemers de laatste hand gelegd aan de erkenningsregeling en de audit voor deze groep.
Buitenlandse onderwijsinstellingen
Ook voor buitenlandse onderwijsinstellingen zal de vrijstelling gelden voor het beroepsonderwijs dat zij verstrekken als deze instellingen opgenomen zijn in het RKBO. Dit Register staat open voor iedere onderwijsinstelling die beroepsonderwijs verricht en aan bepaalde kwaliteitseisen voldoet.
